Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Voldoet proctoring aan de privacyregels? Is er voldoende gekeken naar alternatieven? De Facultaire Studentenraad heeft aan het faculteitsbestuur een aantal vragen voorgelegd over het gebruik van proctoring op de FdR. Lees hier de antwoorden en de visie van het bestuur.

Is er voldoende gekeken naar alternatieven? 

In nauw overleg met de examencommissie heeft het bestuur grondig naar alle alternatieven gekeken, zoals gebruik van meerdere versies, beperkte time slots, verbod op backtracking, nabellen, en keuzes voor essay-vormen. Voor tentamens in de lagere bachelorjaren bieden deze vormen echter geen passend alternatief. Zo kan bij een inleidend vak uit het eerste bachelorjaar, waarvan de leerdoelen primair gericht zijn op verwerving van elementaire kennis van het vakgebied, geen gebruik worden gemaakt van toetsing met behulp van take home-tentamens of papers. Juist bij deze vorm van toetsing kan hulp van buiten groot verschil maken. De faculteit heeft onderzocht of er alternatieve toetsvormen voorhanden zijn om het frauderisico bij dergelijke vakken tegen te gaan, maar heeft moeten constateren dat dit niet het geval is. 

Als de tentamens van blok vier zonder proctoring gedaan zijn en geldig zijn, is proctoring dan niet overbodig?

In periode vier en vijf was sprake van een plotselinge situatie van overmacht. De examencommissie heeft een aantal fraudebeperkende middelen ingezet. Hierbij heeft de commissie, met de gedachte dat deze situatie niet te lang zou voortduren, erin toegestemd dat bij sommige tentamens de mogelijkheid om fraude te plegen slechts in beperkte mate was ondervangen. Nu we inmiddels kunnen aannemen dat deze situatie nog geruime tijd zal voortduren, is gezocht naar andere middelen om te verzekeren dat de student zelf, zelfstandig en zonder hulp van ongeoorloofde bronnen het tentamen maakt. 

Heeft het bestuur wel vertrouwen in studenten als een programma wordt gebruikt waar zo veel om te doen is?

Het feit dat de faculteit studenten in een thuissituatie toestaat om tentamens af te nemen, zonder de controle die normaal gesproken wordt toegepast bij tentamens, getuigt juist van veel vertrouwen in studenten. Maar vertrouwen wil niet zeggen dat er geen enkele controle nodig is. Alle universiteiten beschikken over protocollen en procedures, gericht op het tegengaan van fraude. Dat is niet ingegeven door gebrek aan vertrouwen in studenten, maar door de ervaring dat een aantal studenten bij tentamens fraudeert. Ook hebben universiteiten de verantwoordelijkheid om de betrouwbaarheid van toetsen te borgen. Beide uitgangspunten blijven in geval van tentamens op afstand onverkort toepasselijk.  

Is het bestuur op de hoogte van het feit dat er op dit moment een online petitie tegen proctoring rondgaat die reeds 3200 keer is ondertekend?

Ja, het bestuur is zich bewust van de zorgen van studenten en heeft zich tot het uiterste ingespannen om alternatieven te onderzoeken die in vergelijkbare mate geschikt zijn om de betrouwbaarheid van tentamens te borgen. Bij de inrichting van proctoring zal de faculteit kiezen voor instellingen die door studenten als zo min mogelijk belastend worden ervaren. ​​​​​​​

Is het niet verstandiger om een rechter te laten oordelen over het gebruik van proctoring?

Bij het voornemen om proctoring in te zetten, gaat de FdR ervan uit dat dit systeem op een afdoende juridische grondslag rust. Dit is conform de communicatie van de UvA, en conform de uitspraak in KG van de rechtbank Amsterdam.

​​​​​​​Hoe verhoudt de Algemene Verordening Gegevensbescherming (EU) 2016/679 en het recht op privacy zich tot de verplichting tot het gebruik van proctoring?

Online proctoring voldoet aan de AVG. De Functionaris gegevensbescherming heeft op basis van een Data Protection Impact Assessment positief geadviseerd over de inzet van Proctorio tijdens de coronacrisis.

​​​​​​​Wordt er voldoende rekening gehouden met mentale druk? Het kan voorkomen dat studenten niet op hun gemak zijn tijdens een procotoring tentamen.

Er bestaat inmiddels veel ervaring met proctoring, zowel aan de UvA als elders. Studenten die te maken hebben gehad met deze vorm van toetsing geven vaak aan dat zij zich al na een paar minuten niet meer bewust waren van de aanwezigheid van proctoring. Wie niet van plan is te frauderen en eerlijk zijn of haar tentamen wil afleggen, heeft dan ook geen enkele reden om bezorgd te zijn. 

​​​​​​​Wat is de consequentie van weigering van het installeren/gebruikmaken van proctoring?

Wanneer voor een bepaald tentamen is geoordeeld dat er geen passend alternatief is voor de inzet van proctoring, kunnen studenten geen aanspraak maken op een alternatieve manier van toetsing. Wel is het mogelijk om te verzoeken om het tentamen op een UvA-locatie te mogen afleggen op grond van persoonlijke omstandigheden. Hierbij moet het gaan om dringende gevallen. Bezwaren tegen de inzet van proctoring gelden niet als persoonlijke omstandigheid die aan een dergelijk verzoek ten grondslag kunnen worden gelegd.

​​​​​​​Hoe werkt de controle tijdens een protoctoring tentamen? 

De faculteit stelt zelf de parameters in waarop het ‘suspicion level’ van de proctorsessie wordt gebaseerd. De FdR zal bijvoorbeeld andere parameters kiezen dan andere faculteiten om ervoor te zorgen dat het geoorloofd raadplegen van wetten- en jurisprudentiebundels niet ‘geflagd’ wordt. Een getrainde medewerker van Bureau Onderwijslogistiek van de UvA zal volgens een vaststaand universiteitsbreed template het beeld- en audiomateriaal bekijken van 10-20% van de studenten die het hoogst scoren op het ‘suspicion level’. 

Als de reviewer uit de observatie van het videomateriaal de indruk krijgt dat een student tijdens het examen contact met een derde heeft gehad, of een verboden informatiebron heeft gebruikt, zal hij dit aanmerken als een verdachte gedraging. De reviewer legt deze voor aan de examinator. De examinator kan de verdenking van fraude vervolgens weer voorleggen aan de examencommissie. De commissie kan dan besluiten om de proctorsessie van een student nader te bekijken en bepaalt op basis van het opgenomen materiaal of er vervolgstappen worden genomen voordat er fraude wordt vastgesteld.